Klein motorschip herkennen
Een alleenvarend klein motorschip voert volgens het BPR 's nachts een wit toplicht, rood en groen boordlicht en een wit heklicht.
Deel 2: uitleg en voorbeelden gecontroleerd aan de genoemde BPR-bepalingen (versie 17 juni 2026). De beschreven voorwaarden en het vaargebied horen bij de regel.
De gewone combinatie
Een alleenvarend klein motorschip voert volgens het BPR 's nachts een wit toplicht, rood en groen boordlicht en een wit heklicht. Artikel 3.13 beschrijft toegestane opstellingen. Daarbij kan onder de genoemde voorwaarden een wit rondom schijnend licht de combinatie van top- en heklicht vervangen. De plaatsing en onderlinge hoogte blijven belangrijk.
Voor een klein open motorschip korter dan 7 meter dat maximaal 13 km/u ten opzichte van het water kan bereiken, is een wit gewoon rondom schijnend licht als alternatief toegestaan. Beide voorwaarden tellen: 'korter dan 7 meter' alleen is onvoldoende.
Vanuit verschillende richtingen
Van voren kun je bij de gewone combinatie rood, groen en wit zien. Vanaf stuurboord zie je het groene boordlicht en, afhankelijk van de kijkhoek, het toplicht. Recht van achteren kijk je in het heklicht. Hetzelfde schip ziet er dus vanuit elke sector anders uit.
Voorbeeld
Een open motorboot van 6 meter kan 25 km/u halen. Zij valt niet onder de uitzondering voor maximaal 13 km/u. Dat zij klein en open is, maakt één wit licht dus niet automatisch voldoende.
Controleer lichten vóór vertrek, ook bij een geplande dagtocht. Uitloop, schemer of slecht zicht kunnen ervoor zorgen dat verlichting nodig wordt. Een zaklamp voor eigen zicht vervangt de voorgeschreven navigatielichten niet.
De twee plaatsingsmogelijkheden
In de eerste opstelling staat het toplicht op dezelfde hoogte als de boordlichten en ten minste één meter ervoor. De boordlichten staan op gelijke hoogte, in één dwarsscheepse lijn. Het heklicht staat achterop zo dat een oploper het goed kan zien.
In de tweede opstelling staat het toplicht ten minste één meter hoger dan de boordlichten. Die boordlichten mogen direct naast elkaar of in één lantaarn aan of nabij de boeg staan. In deze tweede opstelling mag één wit rondom schijnend licht de combinatie van top- en heklicht vervangen. Een willekeurige witte lamp laag naast de boordlichten voldoet dus niet aan deze plaatsingsregel.
Test jezelf
Bedenk eerst je antwoord. Open daarna de uitleg.
Is één wit licht altijd voldoende voor een motorboot van 6 meter?
Nee. De BPR-uitzondering vereist onder meer een open boot en maximaal 13 km/u.
Wat kun je recht van achteren van de gewone combinatie zien?
Het witte heklicht.