Basis · KVB1

Zeilschip en zeilen met motor bij

Een klein zeilschip voert volgens BPR artikel 3.13 boordlichten en een heklicht.

2 minuten lezen · Inhoud bekeken op 23-09-2026

Deel 2: uitleg en voorbeelden gecontroleerd aan de genoemde BPR-bepalingen (versie 17 juni 2026). De beschreven voorwaarden en het vaargebied horen bij de regel.

Onder zeil

Een klein zeilschip voert volgens BPR artikel 3.13 boordlichten en een heklicht. Die kunnen onder de gestelde voorwaarden in een driekleurenlantaarn aan of nabij de masttop verenigd zijn. Die lantaarn is niet hetzelfde als een rondom schijnend wit licht.

Een klein zeilschip korter dan 7 meter mag als alternatief een wit rondom schijnend licht voeren. Bij nadering van een ander schip en gevaar voor aanvaring moet het dan bovendien een tweede wit licht tonen om de aandacht te trekken.

Zeilen met motor bij

Wordt de motor voor voortstuwing gebruikt terwijl het schip onder zeil vaart, dan hoort overdag de zwarte kegel met de punt naar beneden bij die toestand. Voor de nachtverlichting beoordeel je het als motorschip. Een driekleurenlantaarn alleen is dan geen normale motorbootverlichting.

Een groot zeilschip voert onder BPR naast boord- en heklicht twee rondom schijnende lichten boven elkaar: rood boven groen. Neem een regel over kleine schepen dus niet zonder controle over op grote zeilschepen.

Voorbeeld

Een jacht zet bij weinig wind de motor bij en laat het grootzeil staan. Het uiterlijk blijft dat van een zeilboot, maar de voortstuwing en bijbehorende tekens zijn veranderd. Bekijk scheepscategorie, lichten en dagteken samen.

Test jezelf

Bedenk eerst je antwoord. Open daarna de uitleg.

Welke kant wijst de zwarte motorkegel op?

Met de punt naar beneden.

Volstaat een driekleurenlantaarn alleen als je onder zeil ook de motor voor voortstuwing gebruikt?

Nee. Dan moet de passende motorschipverlichting worden gevoerd.

Bronnen bij deze les