Verdieping · KVB2

Westerschelde: lichten, dagmerken en seinen

Lichten en dagmerken vertellen op de Westerschelde iets over het soort schip, zijn werkzaamheden en zijn toestand.

2 minuten lezen · Inhoud bekeken op 24-09-2026

Deel 6: redactionele broncontrole op 24 september 2026. Geen volledige CBR-eindtermen-dekkingsaudit.Reglementen afzonderlijk gecontroleerd; bijzondere regels en toepassingsgebieden niet tussen SRW, SRE en BPR uitgewisseld. Controleer lokale aanwijzingen voor vertrek.

Lees tekens binnen het juiste reglement

Lichten en dagmerken vertellen op de Westerschelde iets over het soort schip, zijn werkzaamheden en zijn toestand. Bekijk altijd het hele beeld: kleuren, verticale volgorde, aantal lichten en eventuele gewone navigatielichten. Eén zichtbaar licht is zelden genoeg om de volledige situatie te beoordelen.

Een bovenmaats zeeschip toont volgens artikel 28 van het SRW drie rondom zichtbare rode lichten verticaal boven elkaar of overdag een cilinder, naast de toepasselijke gewone lichten. Een loodsschip tijdens de loodsdienst heeft wit boven rood. Dat is een andere combinatie dan de tekens voor beperkte manoeuvreerbaarheid.

Bijzondere combinaties

Een onmanoeuvreerbaar schip toont twee rondom zichtbare rode lichten boven elkaar of twee bollen. Een beperkt manoeuvreerbaar schip toont rood-wit-rood of bol-ruit-bol. Bij bepaalde werkzaamheden geven twee rode lichten of twee bollen de versperde zijde aan en twee groene lichten of twee ruiten de passeerbare zijde. Controleer daarbij of er werkelijk voldoende ruimte en diepte is om te passeren.

Let op een belangrijk SRW-verschil: een onmanoeuvreerbaar schip dat vaart door het water loopt, voert hier ook de in artikel 27 voorgeschreven toplicht(en), boordlichten en heklicht. Neem daarvoor niet zonder controle het internationale lichtbeeld over.

Artikel 26 schrijft voor een schip bezig met de uitoefening van de visserij groen boven wit voor, met overdag twee kegels met de punten tegen elkaar. Bij vaart door het water komen boordlichten en heklicht erbij. De internationale verdeling tussen treilvisserij en andere visserij mag je dus niet rechtstreeks als SRW-regel onthouden.

Van herkennen naar handelen

Vraag na herkenning welke ruimte het schip nodig heeft. Een baggerschip kan werkmateriaal buiten de romp hebben liggen en een onmanoeuvreerbaar schip kan door de stroom afdrijven. Houd afstand en gebruik de relevante uitwijkregel; bijzondere lichten zijn geen versiering.

Bij beperkt zicht gelden bovendien geluidsseinen. Een varend werktuiglijk voortbewogen schip met vaart door het water geeft volgens artikel 35 één lange stoot met tussenpozen van maximaal twee minuten; zonder vaart door het water zijn dat twee lange stoten. Voor bijzondere schepen gelden andere combinaties. Bestudeer de volledige bepaling vóór varen bij slecht zicht.

Test jezelf

Bedenk eerst je antwoord. Open daarna de uitleg.

Welk dagmerk hoort onder het SRW bij een bovenmaats zeeschip?

Een cilinder.

Mag je op de Westerschelde voor visserij zonder meer het internationale rood-boven-wit-schema gebruiken?

Nee. Artikel 26 SRW schrijft voor een schip bezig met visserij groen boven wit voor; het toepasselijke reglement is bepalend.

Bronnen bij deze les