Westerschelde: uitwijken en kleine vaartuigen
Een varend klein schip moet op de Westerschelde uitwijken voor andere dan kleine schepen.
Deel 6: redactionele broncontrole op 24 september 2026. Geen volledige CBR-eindtermen-dekkingsaudit.Reglementen afzonderlijk gecontroleerd; bijzondere regels en toepassingsgebieden niet tussen SRW, SRE en BPR uitgewisseld. Controleer lokale aanwijzingen voor vertrek.
Klein wijkt voor niet-klein
Een varend klein schip moet op de Westerschelde uitwijken voor andere dan kleine schepen. Dat volgt uit artikel 18 van het SRW. Een klein zeiljacht krijgt tegenover een groot motorschip dus geen voorrang doordat het zeilt of de stuurboordsrand van de geul volgt. Houd bij de beoordeling ook rekening met de afzonderlijke regels voor oplopen; artikel 18 verwijst uitdrukkelijk naar artikel 13.
Wijk vroeg en duidelijk. Houd voldoende afstand tot de boeg en het achterschip van grote schepen en beoordeel hun beweging over de grond. Door stroom kan een schip anders bewegen dan de richting waarin zijn boeg wijst. Een kleine koerswijziging die nauwelijks zichtbaar is, maakt jouw bedoeling niet duidelijk.
Kleine schepen onderling
Artikel 42 regelt situaties tussen kleine schepen. Volgt één van beide de stuurboordszijde van het vaarwater, dan moet het andere uitwijken. Is die situatie niet aan de orde, dan wijkt een klein werktuiglijk voortbewogen schip voor een klein zeilschip of een klein door spierkracht voortbewogen schip. Een klein door spierkracht voortbewogen schip wijkt voor een klein zeilschip.
Bij kruisende koersen tussen kleine motorschepen, zonder de genoemde stuurboordsituatie, wijkt het schip dat het andere aan stuurboord heeft. Bij recht of vrijwel recht tegen elkaar in varen veranderen beide hun koers naar stuurboord. Beoordeel steeds of gevaar voor aanvaring bestaat en welke specifieke regel past.
De geul gebruiken en oversteken
Een schip dat een vaargeul volgt, houdt zo dicht als veilig en uitvoerbaar bij de stuurboordsrand. Oversteken, invaren en verlaten vragen een eigen beoordeling volgens artikel 9 en de bijzondere voorrangsregels. Steek niet over met het plan dat een groot schip wel zal afremmen.
Voor schepen korter dan 12 meter gelden bovendien plaatselijke verplichtingen om buiten de hoofdvaargeul te blijven waar dat veilig en uitvoerbaar is. Dit betreft onder meer het gebied bovenstrooms van het Oude Hoofd van Walsoorden en het in artikel 9 omschreven deel van Sardijngeul en Oostgat. Controleer de precieze begrenzing op de kaart en in het reglement. Buiten de geul varen vereist nog steeds voldoende waterdiepte.
Test jezelf
Bedenk eerst je antwoord. Open daarna de uitleg.
Mag een klein zeiljacht tegenover een groot motorschip op de Westerschelde voorrang claimen omdat het zeilt?
Nee. Een varend klein schip wijkt onder het SRW voor een niet-klein schip.
Twee kleine motorschepen kruisen zonder dat één de stuurboordszijde volgt. Jij ziet de ander aan stuurboord. Wie wijkt?
Jij wijkt, mits sprake is van gevaar voor aanvaring en geen andere bijzondere manoeuvreregel van toepassing is.